Als yoghurtpotjes beginnen te praten: Europa bereidt zich voor op de internetrevolutie

Het internet maakt een snelle ontwikkeling door: 25 jaar geleden was er slechts een duizendtal gebruikers, terwijl nu wereldwijd ongeveer 1,5 miljard mensen op het internet zijn aangesloten. De gemiddelde Europeaan heeft tegenwoordig ten minste één voorwerp dat het met het internet is verbonden, of het nu een computer of een mobiele telefoon is. In […]

Het internet maakt een snelle ontwikkeling door: 25 jaar geleden was er slechts een duizendtal gebruikers, terwijl nu wereldwijd ongeveer 1,5 miljard mensen op het internet zijn aangesloten. De gemiddelde Europeaan heeft tegenwoordig ten minste één voorwerp dat het met het internet is verbonden, of het nu een computer of een mobiele telefoon is. In de loop van de komende 5 tot 15 jaar zal het aantal aangesloten apparaten, die nauwelijks zichtbaar, complexer en mobieler zijn, verhonderd- of verduizendvoudigen.

De Europese Commissie heeft acties aangekondigd om ervoor te zorgen dat Europa een leidende rol kan spelen bij de ontwikkeling van deze nieuwe netwerken van onderling gekoppelde objecten, van boeken tot auto’s en van elektrische apparatuur tot levensmiddelen – kortom het ontstaan van het "internet van de dingen". Het actieplan van de EU zal de Europeanen helpen te profiteren van deze ontwikkeling en tegelijkertijd de daarmee samenhangende uitdagingen aan te gaan zoals privacy, veiligheid en bescherming van persoonsgegevens.

Onbeperkt potentieel
"Elke dag zien we nieuwe voorbeelden van toepassingen die objecten met het internet en met elkaar verbinden, van auto’s die communiceren met verkeerslichten om congestie tegen te gaan tot huishoudelijke apparatuur die aangesloten is op slimme stroomnetwerken en meetsystemen die de consument bewust maken van zijn elektriciteitsverbruik, en geconnecteerde voetpaden die personen met een visuele handicap geleiden", aldus Viviane Reding, EU-commissaris voor Informatietechnologie en media. "Het potentieel van deze nieuwe ontwikkeling van het internet is even onbeperkt als het aantal objecten uit ons dagelijks leven. We moeten er echter voor zorgen dat de Europeanen, als burgers, ondernemers en consumenten, de technologie beheersen veeleer dan dat de technologie hen beheerst."

Het internet van vandaag verbindt wereldwijd ongeveer 1,5 miljard gebruikers via computers en mobiele apparaten (waarvan ongeveer 30 miljoen in de EU). Een belangrijke ontwikkeling in de komende jaren zal erin bestaan geleidelijk aan niet alleen computers, maar ook machines en een reeks fysieke objecten aan te sluiten en zo het "internet van de dingen" te creëren. Hierbij kan het gaan om eenvoudige alledaagse objecten zoals yoghurtpotjes die de temperatuur registreren in de hele aanvoerketen, of om twee voorgeschreven medicijnen die patiënten waarschuwen voor mogelijke incompatibiliteit. Het kan ook om meer complexe objecten gaan, zoals systemen voor gezondheidscontrole of recycling die kunnen helpen om maatschappelijke problemen aan te pakken zoals de vergrijzing van de bevolking en klimaatverandering. Aangezien iedereen dagelijks door duizenden objecten wordt omringd, zal deze interconnectie van fysieke objecten de ingrijpende gevolgen van de moderne communicatie voor onze maatschappij nog versterken.

14 acties
De 14 acties die de Commissie heeft gepresenteerd om de ontwikkeling van dit "internet van de dingen" in de EU te bevorderen, hebben onder andere betrekking op standaardisering van de technologieën in Europa en een betere financiering van het onderzoek, alsook op maatregelen ter bescherming van privacy, gegevens en veiligheid naarmate de nieuwe technologie vorm krijgt. De Commissie heeft vorige maand al gewezen op het belang van de bescherming van persoonsgegevens bij de ontwikkeling van nieuwe technologieën zoals "smart tags" (radiofrequentie-identificatie – RFID) en aanbevelingen uitgebracht over hoe deze het best kan worden bereikt.

De Commissie stelt ook alles in het werk om ervoor te zorgen dat er voldoende internetadressen zijn (die net zoals voor websites nodig zijn om elk voorwerp op het internet aan te sluiten) zodat deze nieuwe golf van gekoppelde objecten zich kan ontwikkelen. Hierbij dient gebruik te worden gemaakt van de recentste bron van internetadressen (Ipv6) en moeten de voorwaarden worden gecreëerd voor een brede verspreiding ervan zodat objecten zoals huishoudelijke apparaten hun eigen internetprotocoladressen hebben om met andere apparaten te kunnen worden verbonden.

Het actieplan voor het "internet van de dingen" is te vinden op:
http://ec.europa.eu/information_society/policy/rfid/index_en.htm