Via de gangbare telecommunicatiepaden duurt de overdracht van beelden uit het heelal met hoge resolutie dikwijls uren. Assistent-professor Karl Berggren van het MIT ontwikkelde samen met collega’s van andere instituten een optische detector die bij dezelfde golflengte werkt als de gangbare glasvezeldetectoren: in het infraroodgebied bij 1,55 µm. Daarmee zijn grote hoeveelheden data vanuit het […]
Via de gangbare telecommunicatiepaden duurt de overdracht van beelden uit het heelal met hoge resolutie dikwijls uren. Assistent-professor Karl Berggren van het MIT ontwikkelde samen met collega’s van andere instituten een optische detector die bij dezelfde golflengte werkt als de gangbare glasvezeldetectoren: in het infraroodgebied bij 1,55 µm. Daarmee zijn grote hoeveelheden data vanuit het heelal duizenden malen sneller over te dragen. De detector is opgebouwd uit nanodraden en werkt met supergeleiding, om geen verliezen te genereren. Daarmee is de ontvangst te realiseren van uiterst geringe licht- of laserstraling – in het uiterste geval tot een enkele foton. Met de huidige optische systemen is dat niet mogelijk, hoewel er al wel single-photon detectoren bestaan. De truc zit hem in de inbouw van een ‘fotonval’ die een driemaal hogere absorptie dan tot nu toe mogelijk maakt: hoe meer fotonen kunnen worden geabsorbeerd, hoe hoger het rendement is.