Opta en NMa adviseren over veiling Wimax-band

Het ministerie van Economische Zaken heeft de Opta verzocht om advies over de voorgenomen veiling van frequenties in de 2,6-GHz band. Daarbij zou het vooral moeten gaan om de mededingingsaspecten van de vergunningverlening. Opta heeft nu, samen met de NMa, een advies uitgebracht. De frequentieruimte die het Ministerie van Economische Zaken met behulop van een […]

Het ministerie van Economische Zaken heeft de Opta verzocht om advies over de voorgenomen veiling van frequenties in de 2,6-GHz band. Daarbij zou het vooral moeten gaan om de mededingingsaspecten van de vergunningverlening. Opta heeft nu, samen met de NMa, een advies uitgebracht.

De frequentieruimte die het Ministerie van Economische Zaken met behulop van een vergunning ‘nieuwe stijl’ uitgeeft heeft een dienstonafhankelijke bestemming. In tegenstelling tot een vergunningverlening waarbij de bestemming van de frequentieruimte wel is vastgelegd, kan bij een vergunning ‘nieuwe stijl’ niet vooraf worden vastgesteld op welke markten de mededinging door vergunningverlening zal worden beïnvloed. Daarom is het voor de Opta en de NMa lastig om uitspraken te doen over de effecten op de mededing in specifieke markten.

Het ministerie heeft aangegeven dat de betreffende frequentiesruimte is bestemd voor mobiele communicatie, maar de Opta noch de NMa hebben een algemene markt voor mobiele communicatie afgebakend. Daarom vinden de organisaties dat zij geen specifiek advies kunnen geven, maar uitsluitend een advies op hoofdlijnen. Het uitgangspunt zou moeten zijn dat de vorgenomen frequentieveiling er niet toe leidt dat er dominantie op de markt ontstaat – of wordt versterkt.

De Opta en de NMA zijn geen voorstander van het a priori uitsluiten van marktpartijen, er valt volgens de organisaties immers nog niet vast te stellen of er dominantie kan ontstaan, omdat er geen markt is afgebakend voor mobiele communicatie. Bovendien zouden partijen die een vergunning verwerven deze ook kunnen inzetten voor het leveren van innovatieve diensten Slechts als een partij misbruik zou kunnen maken van een economische machtspositie kan uitsluiting worden overwogen. Dit zou het geval kunnen zijn als een partij ook al in het bezit is van andere frequenties (zoals DVB-T, UMTS, 3 GHZ, in de toekomst T-DAB). Een partij die al veel spectrum in handen heeft zou de vergunning strategisch kunnen verwerven, om toetreding van derden op de markt te belemmeren.

www.opta.nl