Robotica maakt chemie interessanter

Verdere automatisering maakt analysewerk niet alleen sneller, maar ook nauwkeuriger én interessanter volgens Willem van Raalte, directeur van de Da Vinci Europe Group en tevens voorzitter van de Nederlandse Brancheorganisatie voor Laboratorium Technologie.

Verdere automatisering maakt analysewerk niet alleen sneller, maar ook nauwkeuriger én interessanter volgens Willem van Raalte, directeur van de Da Vinci Europe Group en tevens voorzitter van de Nederlandse Brancheorganisatie voor Laboratorium Technologie.

“De grote trend in de industrie is het gebruik van meer monsters en dus is er een hogere verwerkingssnelheid van die monsters nodig,” zegt Van Raalte. “Daarnaast wil men ook een steeds hogere nauwkeurigheid, van parts per million (ppm) zijn we ondertussen al naar parts per billion (ppb) overgegaan.”
Op de weg naar een hogere snelheid zit de grootste beperking volgens de branchevoorzitter in de voorbewerking. “Dat is vaak nog analistenwerk. Daarom zie ik robotica ook als de toekomst, die kan dat veelal geestdodende werk vervangen. Het echt leuke werk blijft dan over voor de analist. Dat werk is dan veel meer op expertise gericht.”
Met de Da Vinci Europe Group heeft Van Raalte al enkele robotiseringprojecten uitgevoerd, onder andere bij Friesland Foods, bekend van producten als Fristi en Appelsientje. “In het begin is men vaak bang dat het banen zal schelen, maar ik ken weinig processen waar het ook echt banen kost. Daarnaast heb ik geen signalen dat het personeel achteraf ontevreden is. Mensen worden vaak juist enthousiast als ze een robot zien. Alle ICT in het lab wekt interesse, het laat zien dat alle technologie in het lab samenkomt. Dat trekt ook weer nieuwe studenten aan.”
Volgens Van Raalte zorgt robotica niet alleen voor een hogere snelheid, maar ook voor minder fouten. “Bij een kwaliteitscontroleproces in de voedingsmiddelenindustrie heeft men veel monsters en draait een time of flight massaspectrometer vierentwintig uur per dag. Het proces beschikt over foutenherkenning en patroonherkenning. Zodra het in storing gaat of een monster niet geschikt is, wordt direct iemand gewaarschuwd.”
Bang voor het verdwijnen van de kennis door robotica is hij in ieder geval niet. “De basiskennis zal altijd wel aanwezig moeten zijn binnen het lab. Bedrijven kunnen daarin helpen, wij geven zelf ook opleidingen. Maar ook internet is daar een goede bron voor.”