In dit tweede jaarverslag legt de Adviesraad Gevaarlijke Stoffen verantwoording af over zijn activiteiten en geeft een vooruitblik op adviezen die in 2007 zullen verschijnen. De Adviesraad kent drie vacatures, waarvan twee sinds 2005 en één sinds het afgelopen voorjaar. Het ontbreken van drie leden belemmert de taakuitvoering ernstig en is bovendien strijdig met de […]
In dit tweede jaarverslag legt de Adviesraad Gevaarlijke Stoffen verantwoording af over zijn activiteiten en geeft een vooruitblik op adviezen die in 2007 zullen verschijnen. De Adviesraad kent drie vacatures, waarvan twee sinds 2005 en één sinds het afgelopen voorjaar. Het ontbreken van drie leden belemmert de taakuitvoering ernstig en is bovendien strijdig met de wet. De AGS heeft voorstellen gedaan om de vacatures te vervullen. De AGS is verheugd te kunnen melden dat een begin kon worden gemaakt met de uitbreiding van het secretariaat. Voor een adequate taakuitvoering dringt hij aan op snelle vulling van de vacatures en uitbreiding van het secretariaat. In 2006 zijn zes adviezen uitgebracht. Voor een aantal van deze adviezen waren de fundamenten in 2005 gelegd. Het was niet alleen een productief jaar in termen van het aantal adviezen; ook de uitgebrachte kabinetsstandpunten waren positief. Vooruitkijkend naar het volgende jaar, verwacht de Adviesraad zeven adviezen te zullen uitbrengen. De Adviesraad wil bruggen bouwen tussen praktijk, wetenschap en beleid. Daarbij mobiliseert hij de multidisciplinaire inbreng van deskundigen uit deze drie groeperingen. Het blijkt nodig om verbindingen te leggen, omdat het vanzelf niet gebeurt. Zo komt in een aantal adviezen aan de orde dat delen van de wet- en regelgeving onderling niet op elkaar aansluiten. De Adviesraad signaleert dergelijke tegenstrijdigheden. Daarnaast zijn veel nieuwe technische inzichten niet verwerkt in wet- en regelgeving. Ook de taken en verantwoordelijkheden binnen de keten zijn niet altijd helder. Hoewel iedereen het ermee eens is dat de verantwoordelijkheid voor veiligheid bij bedrijven ligt, wordt dit principe niet consequent gehanteerd in wet- en regelgeving. De overheid heeft een kaderstellende en toezichthoudende rol, maar neemt vaak toch – al dan niet direct – een deel van de verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven over. Door kennis en kunde uit praktijk, wetenschap en beleid te betrekken bij het tot stand komen van adviezen blijkt dat zaken helder kunnen worden. Zo kunnen op inhoudelijke gronden nieuwe richtingen voor het beleid worden gevonden die verbetering van de veiligheid stimuleren.