Vaak wordt er een pincode of paswoord gebruikt als toegangscontrole tot systemen met een numeriek of alfanumeriek toetsenbord. Het gevaar bij dergelijke codesystemen is dat de code goed of kwaadschiks overdraagbaar is.
Dit gevaar kan geëlimineerd worden door aan een beveiliging met pincode of paswoord een elektronische datasleutel toe te voegen. Toegang tot apparatuur is nu niet meer alleen afhankelijk van de code, maar ook van het bezit van de elektronische sleutel.
Deze sleutel kan ook gebruikt worden om de specifieke pincode op te slaan van de gebruiker. De elektronische sleutel biedt niet alleen toegangscontrole maar geeft ook aan wie/wanneer een systeem binnengaat. De datasleutel slaat niet alleen toegangsinformatie op maar kan ook voorzien in risicomanagement door de toegankelijkheid tot een apparaat slechts te beperken tot bepaalde functies van het apparaat, afhankelijk van de autorisatie.