ECN reageert verheugd op het vonnis van de Haagse rechtbank van 24 juni van Urgenda tegen de Nederlandse Staat. In deze rechtzaak vraagt Urgenda aan de Staat om de broeikasgasuitstoot met 25 … 40% terug te brengen in 2020 ten opzichte van 1990. Het vonnis onderschrijft het belang van de transitie naar een duurzame energievoorziening en maakt duidelijk dat de urgentie van het klimaatprobleem ook doortastender energiebeleid wettigt.
ECN meldt in een reactie op de uitspraak: "We denken dat dit vonnis kan helpen om de internationale politieke impasse te doorbreken om te komen tot de noodzakelijke drastische reductie van de uitstoot. In verschillende landen zijn soortgelijke initiatieven gaande en voor de Nederlandse uitspraak is veel internationale interesse. Maar het is vooral een kans voor de Nederlandse overheid om de eigen klimaatambities scherper te maken en het voortouw te nemen. Dat biedt meer duidelijkheid voor burgers, bedrijven en in het bijzonder investeerders. Het kan een belangrijke innovatie-impuls geven."
Forse uitdaging
De opgave van ten minste 25% reductie van broeikasgassen in 2020 is aanzienlijk en reikt waarschijnlijk verder dan de ambities van het Energieakkoord. Ook de opgave van 40% voor 2030 is een forse uitdaging voor Nederland. De huidige aanpak van Nederland is vooral gebaseerd op door de EU opgelegde eisen. Het vonnis legt vast dat Nederland verder kan en ook verder moet gaan. De rechter neemt de Europese dimensie en specifiek Europese emissiehandelsrichtlijn nadrukkelijk mee in zijn overwegingen. De uitspraak gaat zelfs zo ver dat concurrentieoverwegingen en kosten geen doorslaggevende reden mogen zijn voor de Staat om zich aan de opgelegde zorgplicht te onttrekken.
Er is in het vonnis nadrukkelijk een balans gekozen tussen de beleidsverantwoordelijkheid van de wetgever en de grondwettelijke zorgplicht. Vanuit de rechterlijke macht is die ingevuld met een reductieplicht van tenminste 25%. Mogelijk is dit aanleiding om na te denken over een klimaatwet naar het model van andere landen, bijvoorbeeld het Verenigd Koninkrijk.
Groningse gasproductie beperken
Voor ECN kan de omschakeling naar een samenleving die minder broeikasgassen uitstoot niet snel genoeg gaan. Dat sluit onder andere aan op de actuele noodzaak om de Groningse gasproductie te beperken en tegelijk ook de afhankelijkheid van gasimport niet te vergroten. CN maakt zic zorgen over het klimaat en vindt dat Nederland de economische kansen moet grijpen die de overgang naar een duurzame samenleving met zich meebrengt. ECN werkt met onderzoek graag mee met alle belanghebbenden in Nederland om de energietransitie een nieuwe impuls te geven.


