Het Leuvens Alumni Orkest (LAO) gidst de klassieke muziek de 21ste eeuw in. Een netwerk van tabletcomputers leidt de muzikanten door de partituur. Bladeren wordt overbodig, want elke tablet volgt automatisch de console van de dirigent. Bedenker is alumnus en LAO-trombonist Jan Rosseel: “Scora is met geen enkel ander bestaand systeem te vergelijken.”
De muzikanten klikken hun tablets op een speciaal daarvoor ontworpen standaard en schakelen hem in. Op de schermen worden de notenbalken zichtbaar. "Heeft iedereen Rachmaninov voor zich?" vraagt dirigent Hans Casteleyn.
"Er zijn al eerder concerten gegeven met tablets", legt LAO-voorzitter Jan De Vilder uit. "Maar dan ging het om partituren die waren ingescand tot pdf-files, dus louter foto’s die op een tablet worden weergegeven. Scora is veel meer dan gedigitaliseerd papier."
Het volledig gesynchroniseerde systeem bestaat uit een dirigentconsole – die eruitziet als een gigantische tablet – en voor elke muzikant een aparte tablet in A4-formaat. Via de speciaal ontworpen software en een wifiverbinding wisselen console en tablets informatie uit. Het juiste stuk klaarzetten, door de partituur bladeren en navigeren naar de precieze maat waarmee de dirigent de repetitie wil starten: alles gebeurt automatisch.
Passie + ervaring
"Ik heb het idee aan mijn vrouw te danken", vertelt Jan Rosseel. "Zij speelt ook trombone en ze opperde ooit dat een tablet toch handig zou zijn voor partituren." Meer was het niet, maar het idee schoot kiem. Zijn passie voor muziek en zijn jarenlange ervaring als ingenieur micro-elektronica in software- en hardware ontwikkeling vielen in één klap samen. Hij sloeg aan het denken en rekenen en zodra het idee haalbaar leek, vroeg en kreeg hij een IWT-subsidie waarmee hij aan het werk kon.
Rosseel vroeg of het LAO geïnteresseerd was om testorkest te spelen. Een systeem als Scora moet je grondig aan de praktijk toetsen voor het naar de commerciële markt kan.
Anders, maar snel
Elke muzikant kan zijn eigen digitale aantekeningen maken, maar krijgt ook die van de dirigent of orkestmeester direct te zien. Je kunt een toonaard aanpassen wanneer dat nodig blijkt of zelfs partituren van andere instrumenten toevoegen wanneer die je kunnen helpen om zelf op het juiste moment in te vallen.
Het is wennen, geven de meeste muzikanten toe. De ene is al wat enthousiaster over de nieuwigheid dan de andere. Maar ze zijn zich er allemaal van bewust dat ze met iets unieks en compleet innovatiefs bezig zijn. Je ziet de muzikanten ook veel beter zitten achter hun tablet dan vroeger achter hun grote lessenaars vol vellen papier.
bron: Campuskrant KU Leuven, Ines Minten


