Vermenselijken maakt leven met spullen makkelijker

Door menselijke eigenschappen aan dingen toe te schrijven, is het makkelijker om met die spullen om te gaan, blijkt uit onderzoek van Barbara Müller. Want zodra we dat doen, reageren onze hersenen net zo op die objecten als op andere mensen. Dit inzicht kan helpen bij betere interactie met zorgrobots, maar ook met computers of mobiele apparaten. “Het helpt als een object er menselijk uitziet, maar ook een verhaal kan helpen om spullen te vermenselijken.”

"Dit is Jorine. Jullie gaan het komende half uur samen een taak doen." Jorine is een robot die interactie aangaat met mensen. Wat blijkt? Als de onderzoekers erbij vertellen dat Jorine zelfstandig kan handelen, dichten haar gebruikers haar meer menselijke eigenschappen toe. En kunnen vervolgens soepeler met haar omgaan. "En soepele interactie ervaren we als prettig," zegt Barbara Müller. Sociaal psycholoog Müller promoveert 7 maart bij het Behavioural Science Institute van de Radboud Universiteit Nijmegen op een studie naar hoe mensen omgaan met dingen.

Brein doet mee met ander

Als we samenwerken met andere mensen maken we van hun handelingen een voorstelling in ons brein – als je partner zijn hand uitstrekt, wordt in jouw hersenen ook het bewegingsgebied actief. Co-representeren in jargon. Het idee is dat dit in gedachten meedoen de afstemming op de handelingen van je partner vergemakkelijkt. Eerder onderzoek suggereerde dat dit alleen optreedt bij interactie met mensen. Toch is het niet ongewoon om tegen spullen te praten, of zelfs boos op ze te worden…

Ook meeleven met een ding

Müller was nieuwsgierig hoe deze interactie met een object werkt. Ze liet daarvoor mensen een computertaak doen met Pinocchio. Wie eerst gekeken had naar een filmpje van de houten pop, en had gezien dat hij zich menselijk gedroeg, maakte later wel degelijk co-representaties van zijn handelingen. De verwachting is dat dit ook gevolgen heeft voor sociaal gedrag tegenover de creatie van Gepetto.
Volgens Müller wijst dit erop dat mensen zich meer op hun gemak voelen met een object dat ze als menselijk beschouwen. "Het lijkt er bovendien op dat dit niet alleen voor poppen geldt die op ons lijken, maar ook voor abstracte voorwerpen – zolang ze maar bewegen." Daarmee toonde ze aan dat het idee niet klopt dat mensen alleen handelingen en ook gevoelens van mensen co-representeren.

Verbetert omgang met apparaten

"We kunnen deze kennis gebruiken om de acceptatie van bijvoorbeeld robots in de zorg te vergroten. Een menselijk gezicht krijgen ze al vaak, maar het helpt ook om ze met een verhaal over hun geschiedenis en eigenschappen te introduceren," licht de promovenda toe.
"Het is fascinerend om te zien hoe snel we met onze fantasie dingen levend maken. Volwassenen moeten daar een beetje bij geholpen worden, bijvoorbeeld door het voorwerp eerst te zien bewegen. Kinderen lijken dat niet nodig te hebben, zij kunnen een dierentuin fantaseren met een paar stenen – dat hoop ik nu te gaan onderzoeken. Vaak wordt fantasie en antropomorfisme als iets kinderachtigs gezien. Maar ik denk dat het een belangrijke eigenschap is om met de spullen om je heen om te gaan. En fantasie maakt het leven veel leuker."

Lees meer over deze promotie