De oorlog in Iran en de blokkade van de Straat van Hormuz hebben steeds grotere gevolgen voor de Nederlandse technologische industrie. Ruim driekwart van de bedrijven ondervindt negatieve effecten, terwijl bijna een derde de productie al heeft teruggeschroefd. Dat blijkt uit een peiling van ondernemersorganisatie FME onder 107 technologiebedrijven.

Zes op de tien ondervraagde bedrijven hebben te maken met hogere energiekosten. Een even groot aandeel meldt problemen met de aanvoer van materialen en onderdelen, waaronder stijgende transportkosten en inkoopprijzen. Bedrijven melden onder meer problemen met de beschikbaarheid van metalen en metaalproducten, kunststoffen, chemische grondstoffen en elektronische onderdelen. Ook het internationale containervervoer ondervindt hinder.
Investeringen opgeschort
De gevolgen blijven niet beperkt tot hogere kosten. Bij 32 procent van de ondervraagde bedrijven is de productie afgenomen. Daarnaast geeft 43 procent aan dat de winstgevendheid onder druk staat. Ongeveer één op de zeven bedrijven meldt tijdelijk of structureel verlies, of ziet de continuïteit van de onderneming bedreigd.
De onzekerheid heeft ook gevolgen voor toekomstige investeringen. Inmiddels heeft 22 procent van de bedrijven investeringen uitgesteld. Nog eens één op de tien verwacht dit alsnog te moeten doen. Ook worden plannen om extra personeel aan te nemen opgeschort. Bijna een kwart van de bedrijven heeft kostenbesparingen of organisatorische veranderingen doorgevoerd. Daarmee dreigt de internationale onrust niet alleen de huidige productie te raken, maar ook de modernisering van Nederlandse fabrieken te vertragen.
Verdere verstoringen
Voor de komende zes maanden zijn de verwachtingen niet veel positiever. Als de onrust aanhoudt, voorziet 84 procent van de ondervraagde bedrijven problemen in de toeleveringsketen. Bijna acht op de tien verwachten hogere transportkosten en ongeveer driekwart rekent op verdere stijgingen van de inkoopprijzen.
De nieuwe kostenstijgingen komen boven op bestaande uitdagingen voor de Nederlandse industrie, zoals hoge energie- en loonkosten en toenemende internationale concurrentie. Volgens de prognose van Oxford Economics groeit de Nederlandse technologische industrie in 2026 met ongeveer twee procent. Die groei is echter sterk afhankelijk van de machinebouw en daarbinnen vooral van de halfgeleiderindustrie. Zonder de machinebouw zou de productie in de technologische industrie volgens deze raming zelfs met drie procent krimpen.
FME waarschuwt dat uitgestelde investeringen de concurrentiepositie van de Nederlandse industrie op langere termijn kunnen aantasten. Wanneer bedrijven minder investeren in nieuwe machines, automatisering en verduurzaming, kan dat ten koste gaan van hun toekomstige productiviteit en productiecapaciteit. ‘Daarbij is tempo nodig’, aldus FME-voorzitter Theo Henrar. ‘Bedrijven moeten vandaag concurrerend kunnen ondernemen om te kunnen investeren in de innovatie en productie van morgen. Alles wat we nu kwijtraken, krijgen we niet terug’.
Uitgelichte vacatures
- Monteur Hightech Machinebouw (medior)
Bedrijf: Trymax - Kalibratie Engineer Elektriciteit
Bedrijf: VSL







